Gratis ebook “Help mijn hond negeert mij tijdens het wandelen”

Hoe bereid ik mijn hond voor op een baby? Belangrijke strategieën voor een harmonieuze dynamiek!

Jouw hond was steeds het middelpunt van de belangstelling.

Samen met je partner voedde je hem op, zorgde dat zijn noden vervuld werden.

Jullie smartphones staan vol van de schattige kiekjes…

… Of misschien is jouw hond zelfs ingesteld als achtergrond.

Betrapt 😉

En recent kregen jullie fantastisch nieuws…

Een combinatie van geluk maar ook twijfel slaat je om het hart…
Je moet nog zo veel informatie verzamelen over het krijgen van een baby!

De ironie wil dat het allemaal wel wat lijkt op de aanschaf van een pup: plots alle hens aan dek!

Goedbedoeld advies slaat je om de oren.
Zodanig dat je soms door het bos de bomen niet meer ziet.

En alsof de toenemende stress over het krijgen van een baby niet genoeg is, rijst de vraag:

Hoe zorgen we dat alles goed verloopt tussen de baby en de hond?!

Velen gaan hier licht over en zoeken het gaandeweg uit. Toch kan ik je aanraden -als professional die al vele honden en baasjes zag- om een plan uit te werken om incidenten en stress te vermijden!

De meeste bijtincidenten gebeuren namelijk met kinderen onder de 5 jaar.

En in 80% van de gevallen is de hond des huizes betrokken (of een hond binnen de familie).

Harde cijfers…

Het is niet mijn bedoeling om je bang te maken, wél om je te voorzien van de juiste informatie.

In deze blog kan je bijgevolg alle informatie vinden die je nodig hebt om ervoor te zorgen dat jouw hond en kindje dikke buddies worden.

Take note!

      1. Het eerste trimester

    Vooraleer ik je overstelp met praktische tips, is het handig om te begrijpen hoe je hond naar deze hele situatie kijkt.
    Voor jullie is dit ongetwijfeld een spannende tijd:

    Hormonen razen in het rond.
    Een vloedgolf aan voorbereidingen komt op jullie af.
    Jullie hele wereld staat op zijn kop.

    Voor jouw hond gaat deze heisa niet zomaar aan hem voorbij.
    Honden zijn namelijk gewoontedieren: ze houden ervan dat alles een beetje hetzelfde en bijgevolg voorspelbaar blijft.
    Hij merkt dus als geen ander dat er veranderingen plaatsvinden:

    Je ruikt anders (door je hormonen).
    Je gedraagt je anders (emotioneel, moe, gestresseerd).

    Afhankelijk van de gevoeligheid van je hond, kan dit al voldoende zijn voor hem om zich anders te gedragen. Hij is er zich namelijk niet van bewust wat er staat te gebeuren, enkel dat alles….anders is.

    In deze fase wil je je hond goed in het oog houden en zeker niet terugschroeven op beweging en mentale stimulatie, aangezien dit zijn stressniveau nog meer kan doen stijgen.
    Net zoals mensen stoom aflaten door te bewegen en zich bezig te houden, zal je hond deze fase veel beter kunnen plaatsen wanneer hij dagelijks zijn hoofd kan leegmaken door:

        • Voldoende te wandelen/rennen

        • Spelen

        • Trainen / mentale spelletjes

      Naast het kunnen verbranden van energie, is het minstens even belangrijk dat je hond momenten van rust en stilte heeft.
      Ik raad je aan om -nadat je actief bent geweest met je hond- hem een halfuur tot een uur tot rust te brengen in zijn bench/kennel of hem aan te leren op zijn kussen te blijven liggen.

      Wanneer een hond zich nerveus of zenuwachtig voelt, zal hij moeite hebben om stil te zitten. Dit houdt echter zijn nervositeit in stand waardoor hij in een vicieuze cirkel terechtkomt.
      Je hond verplicht lichamelijk stilleggen zal rust creëren in zijn hoofd en zorgt voor meer evenwicht in zijn gedrag.

      Laat dit een gouden regel zijn die je toepast:

      Wanneer je hond zenuwachtig is, zorg je dat zijn lichaam stilte vindt.

          1. De voorbereidingen in het tweede & derde trimester

        Het eerste trimester is achter de rug.
        De meeste vrouwen voelen zich wat beter: ze zijn minder moe en misselijk en kunnen iets of wat meer de draad oppikken van het ‘gewone leven’.

        In deze periode is het hét moment om oefenen op het gedrag dat je van je hond wilt zien wanneer de baby er is.

        Ik zie veel filmpjes op Instagram waar mijn haren van recht staan: 

        Kersverse ouders die hun pasgeboren baby in het gezicht duwen van de hond.

        Honden die hun kop over de baby leggen om hem te “beschermen” of “knuffelen”

        Honden die de baby ‘schattige’ likjes geven.

        Lees volgende zin drie maal:

        Leer je hond om ruimte te geven aan de baby.

        Honden zien baby’s namelijk niet als kleine mensen. Een baby is een raar wezen.
        Het kermt en beweegt als een prooidier, en het wordt altijd gedragen.
        Dat maakt het voor hen zeer interessant, soms op een negatieve manier.
        Het is aan de ouders om de hond te leren dat de baby een persoon is, mét persoonlijke ruimte.

        En dat de hond deze persoonlijke ruimte dient te respecteren.

        Wat schattig lijkt op video, is voor mij een serieuze rode vlag.

        Resource guarding of bewakingsagressie loert namelijk om de hoek:

        Resource guarding is een gedragsprobleem waarbij de hond een persoon als zijn bezit beschouwt en agressie vertoont wanneer iemand anders deze persoon wil benaderen.

        Je ziet dit vaak bij kleine hondjes die veel gedragen worden…

        …En je ziet dit veel rond kinderen.

        Dit ontstaat wanneer de hond wordt toegestaan om te pas en te onpas de ruimte van de baby/kids te betreden, er op te liggen en er over heen te hangen.

        Ik beweer niet dat elke hond dit probleem ontwikkelt, maar het komt vaak genoeg voor.
        En eerlijk…

        Liever voorkomen dan genezen, toch?

        Om te voorkomen dat je pas begint te trainen met je hond wanneer je net een baby hebt gekregen en uitgeput bent, kan je best al op voorhand oefenen met een levensechte pop. Nog beter als je een pop gebruikt mét huilgeluiden!

        (En zo train je jezelf ook in het koel houden van je hoofd bij een vuile luier. Win win!)

        → Houd de pop vast en loop ermee rond. Vraag de hond om voor jou en de baby aan de kant te gaan. Accepteer niet dat hij opspringt of komt duwen tegen de baby.

        → Leg de pop op een babydeken. Leer je hond dat hij niet op het deken mag komen. Dit doe je door je hond een leiband aan te doen en telkens weg te leiden wanneer hij op het deken komt.

        → Ververs je “baby” op verschillende plaatsen. Gebruik een commando (bijvoorbeeld “ga weg”) om de hond te vragen afstand te nemen van de baby. Gebruik je lichaam op richting je hond te wandelen en hem “weg te duwen”. Dit noemt men het gebruiken van spatiale druk. Honden begrijpen dit instinctief.

        De meeste bijtincidenten gebeuren omdat mensen onwetend zijn over hondenlichaamstaal.
        Het is zorgwekkend hoe weinig mensen honden kunnen lezen.

        Verdiep je in lichaamstaal vooraleer je een baby in contact brengt met je hond.

        Ik raad je ook aan om stuk per stuk je huis in te richten met babyspullen om je hond hier aan te laten wennen.
        Onthoud dat elke verandering in het huis of de dagindeling een vorm van stress bezorgt aan je hond. 

        Te veel mensen voeren plots alle veranderingen door vlak voor of na de komst van de baby. Door de combinatie van een nieuw gezinslid, slaaptekort en een overvloed aan stress bij de kersverse ouders en een verminderde aandacht naar de hond toe, is je kans op het krijgen van gedragsproblemen bij de hond veel groter.

        Hoe meer je je hond op voorhand kan laten wennen aan de veranderingen, hoe beter.

        In het derde trimester wil je gaan nadenken hoe je leven er zal uitzien eenmaal de baby er is…

        … en wat er zal veranderen voor je hond.

        Zal je vroeger moeten opstaan om met de hond te kunnen wandelen?

        Zullen je wandelingen ingekort worden en zal je bijgevolg meer thuis met de hond bezig zijn?

        Pas deze nieuwe gewoontes en structuur al toe in het derde trimester.
        Op deze manier heeft jouw hond zijn draai al gevonden in de nieuwe gang van zaken en verlaag je de kans dat hij over zijn toeren zal zijn.

        Probeer je hond meer mentaal uit te dagen door middel van training. Dit is vermoeiender dan wandelen en kost jullie minder tijd.

        Enkele tips:

            • Fris de gehoorzaamheid van je hond op. Oefen op ‘zit’, ‘lig’, ‘plaats’ en ‘ga weg’. Sowieso handig voor je hond om te kennen eenmaal de baby er is!
              (Wil je graag weten hoe je moet trainen? Wij hebben een online gehoorzaamheidscursus die je hier kan vinden)

              • Speurspelletjes: Verstop eten/speeltjes in huis en laat jouw hond hier achter zoeken! Vermoeiend maar leuk om te doen

                • Leer je hond een nieuw trucje aan. 

                  • Doe “free shaping” met je hond. Zoek op Youtube hoe je dit moet doen (gemakkelijk én leuk!)

                    1. De bevalling

                  Het moment is eindelijk aangebroken…

                  Jullie kleine spruit is geboren! Woehoew!

                  Jullie hebben ongetwijfeld een dogsitter of opvang geregeld opdat jullie de eerste dagen in alle rust in het ziekenhuis kunnen doorbrengen.
                  Het is geen slecht idee -indien mogelijk- om de papa al eens naar huis te laten komen om de hond te entertainen en stoom af te laten.
                  Je kan gerust een dekentje of babypakje meenemen dat ruikt naar de baby, zodat de hond de nieuwe geur kan opnemen.

                  Vermijd dat de hond obsessief wil ruiken aan alles wat met de baby te maken heeft. 

                  Gezonde interesse is oké…

                  Obsessief en intens gedrag is een grote no-no.

                      1. De ontmoeting

                    De grootste problemen tussen honden en kinderen ontstaan om drie redenen:

                        1. De hond ziet de baby als een prooidier, eerder dan een mens (dat komt door de kermende geluiden en het zwaaien van armen en benen)
                        2. De hond respecteert de persoonlijke ruimte van de baby niet waardoor hij de baby beschouwt als zijn bezit 
                        3. De baby respecteert de persoonlijke ruimte van de hond niet waardoor de hond geïrriteerd raakt (meestal doordat de ouders de baby in de ruimte van de hond forceren)

                          De dag dat je jouw baby naar huis meeneemt, is het belangrijk dat je:

                          • Zo veel mogelijk neutraliteit creëert rond de baby. De baby is geen big deal. De baby is geen uitnodiging tot hoge opwinding. Vermijd dus hoge stemmetjes en het opfokken van je hond omdat je enthousiast bent hem de baby te tonen.

                            • Zet de baby niet meteen op de grond waardoor je hond helemaal over hem heen kan hangen. Jouw hond hoeft niet met zijn neus tot aan de baby te komen om hem te kunnen ruiken. Honden kunnen kanker ruiken, hij kan bijgevolg de baby ruiken wanneer je met hem binnenkomt of in je armen hebt.

                              • Vraag je hond wat je geoefend hebt in de laatste 6 maanden. Vraag om ruimte. Vraag hem om naar zijn mat te gaan.

                                Alles hangt af van de gemoedstoestand van jouw hond. Is hij gestresseerd? Onrustig? Wild?
                                Zolang hij niet kalm is, hou je hem weg van de baby en vraag je afstand. Als hij rustig is, kan je eventueel toestaan dat hij dichterbij komt. Dit zonder overhangen, leunen of likken in het gezicht.

                                  1. Honden en baby’s

                                Mijn job bestaat erin mensen duidelijk te maken dat honden territoriale roofdieren zijn.
                                Dit houdt in dat zij een aantal instincten bezitten die te herleiden zijn naar hun voorouders, de wolf.

                                Zo hebben honden prooidrift
                                Prooidrift is het instinct van een hond om te jagen en prooi te doden.

                                → Het achternazitten van een konijn

                                → Het grijpen/bijten van desbetreffend konijn

                                → Het schudden of doden van het konijn

                                → Het verorberen van het konijn

                                Afhankelijk van het ras van de hond, zal deze meer of minder prooidrift bezitten.
                                Zo hebben herders of jachthonden over het algemeen meer prooidrift dan bijvoorbeeld een malthezer.
                                Aangezien prooidrift een instinct is, kan je het niet uit je hond trainen. Je kan je hond enkel voorzien van activiteiten waardoor zijn prooidrift bevredigd wordt.

                                Zo kan je het jagen op een konijn vervangen door het lopen achter een bal.
                                Het grijpen en schudden van een dier kan je vervangen door trekspelletjes.

                                Daarnaast hebben (sommige) honden bewakingsdrift.
                                Dit is het instinct van je hond om te bewaken wat hij beschouwt als zijn territorium en bezit.

                                Dit kan gaan over een domein -maar zoals daarnet vermeld- ook over personen of andere zaken die hij waardevol acht.
                                Baasjes interpreteren dit gedrag als “bescherming” wanneer hun hond dit bij hen doet.

                                Het is geen bescherming, het is je beschouwen als zijn bezit.

                                Dit is een relatieprobleem, gecreëerd door zwak leiderschap en zwakke grenzen rond persoonlijke ruimte.
                                Ik vermeld deze twee driften, omdat zij in het merendeel van de gevallen verantwoordelijk zijn voor het nodig hebben van een gedragsspecialist.

                                En omdat het deze instincten zijn, die tot problemen kunnen leiden ten opzichte van de baby.

                                Het huilen en kermen van een baby kan prooidrift opwekken.
                                Het ongecontroleerd toestaan van het betreden van de ruimte van de baby en zijn spullen kan bewakingsdrift opwekken.

                                Beide problemen vermijd je door duidelijkheid en structuur te scheppen rond interacties met de baby en z’n spullen.

                                    1. Honden en peuters/kleuters

                                  Wanneer je de babytijd goed hebt aangepakt, zal je hond zijn draai hebben gevonden.
                                  Hij zal ook beseffen dat de baby een onderdeel is geworden van het gezin en dat hij respect moet hebben voor zijn ruimte.
                                  Daarnaast snapt de hond, door bovenstaande oefeningen, dat de baby “van jullie” is en dat hij daar weinig over te beslissen heeft.

                                  Tegen de tijd dat jouw baby een peuter wordt, vermoed ik dat jullie ook gewoon zullen zijn geraakt aan jullie nieuwe schema’s.
                                  Hopelijk werd de hond hierbij niet vergeten en hebben jullie manieren gevonden om hem voldoende aandacht en beweging te geven!

                                  Jouw baby is nu een peuter.

                                  Hij wandelt rond.
                                  Steekt alles in zijn mond.
                                  Het hele huis ligt vol met spullen.

                                  De scenery is veranderd. Daarom ook hier enkele tips om deze fase mét hond goed te doorlopen:

                                    • Sta niet toe dat de hond jouw kindje overal volgt/stalkt

                                    Ook dit valt onder bewakingsdrift en obsessie. Het is geen probleem wanneer de hond eens met jullie kindje mee “wandelt”. Maar als je de indruk hebt dat de hond continu bij je kind wilt zijn en aan je kindje plakt, is het tijd om weer meer tijd te steken in “ga weg” en “plaats”.
                                    Het aandoen van een leiband in huis als hulpmiddel kan hier goud waard zijn.

                                      • Leer je hond dat spullen van de baby niet voor hem bedoeld zijn

                                      Wees geduldig en zeg rustig nee terwijl je het speeltje terugvraagt.
                                      Het commando “los” aanleren komt hier van pas!
                                      Pas op dat het geen spelletje wordt, waarbij je hond beseft dat hij aandacht krijgt telkens hij spullen van de baby steelt. 
                                      Wees dus zo neutraal maar kordaat mogelijk in je stem en lichaamstaal.

                                        • Voorzie voldoende momenten van rust voor de hond

                                        Sommige honden hebben moeite met alle drukte en raken overprikkeld (en daardoor ongecontroleerd). 
                                        Je plaatst je kindje regelmatig in zijn kribbe of in bed om hem te laten rusten, doe dit ook met je hond (idealiter op momenten dat het kindje rondloopt).
                                        Steek hem in de bench of een andere plaats waar je hond tot rust komt.

                                        Je kan hem ook vasthangen aan de leiband naast zijn kussen.

                                        Vermijd dat je kind de hond kan storen. Zo beseft jouw hond dat hij zijn eigen plek heeft waar hij kalmte kan vinden of waar hij zich kan terugtrekken als het hem zelf allemaal wat te veel wordt.

                                          • Betrek je peuter in activiteiten met de hond

                                          Voor een hond is een peuter nog steeds een bizar gegeven en in het hoofd van jouw hond staat jouw kindje niet ‘boven’ hem.

                                          Je kan er wel voor zorgen dat jouw hond jullie kind steeds meer als iets positief beschouwt door hem mee te nemen op wandeling of door hem te betrekken in spelen met de hond (bijvoorbeeld eens een bal te laten gooien).

                                          • Zorg ten alle tijde dat je peuter de hond respecteert. 

                                          Geen slagen of trekken aan de oren. Niet storen wanneer de hond rust of slaapt. Geen eten of hondenspeeltjes laten rondslingeren terwijl je peuter rondloopt.

                                            • Blijf tijd en energie investeren in het voorzien van voldoende mentale en fysieke stimulatie

                                            Een gefrustreerde hond is een voedingsbodem voor problemen. Ze zijn onhandelbaar, hyperactief, storend en kunnen agressie ontwikkelen.

                                            Dit is voor mij het belangrijkste punt: blijf bezig met je hond.

                                            Al is het 3 minuten trainen terwijl je aardappelen aan het koken zijn.

                                            Alles is beter dan niets.

                                            Bovenstaande regels blijven van toepassing voor kleuters. We verwachten dat de hond aspecten van zijn natuur aanpast om met kinderen om te kunnen gaan.
                                            Het is evengoed jouw verantwoordelijkheid als ouder om kinderen te leren omgaan met honden en honden met respect te behandelen.

                                            Frustraties kunnen zich anders doorheen de tijd opstapelen en de relatie tussen jouw kind en hond onder druk zetten.

                                            Alles hangt ook af van het temperament van jouw hond en zijn energieniveau.

                                            Sommige honden zijn van nature heel zachtaardig en voorzichtig met kinderen. Deze honden kan je meer interactie toestaan (nog steeds met alertheid) dan een hond die een handleiding heeft.

                                            En tot slot…

                                            Laat een kind nooit, maar dan ook nooit alleen met een hond!

                                            Hoe goed je de hond ook kent of hoe braaf de hond ook is….